De vergelijking lag voor het oprapen. Verschillende media maakten hem dan ook dit weekend: de onmiskenbare overeenkomst tussen de quarantaineperiode en de film Groundhog Day. Omdat die vergelijking zich al eerder aan me opdrong, leek het alsof ik daadwerkelijk in een repeterende tijdslus was beland waarop alle dagen hetzelfde zijn. Op zich wel logisch ook. Als dagen elkaars spiegelbeeld zijn, is het zelfs onvermijdelijk.
Als kind had ik geen moeite met herhalingen. Eindeloos keek ik dezelfde tekenfilms. Ik wist precies wanneer Jerry met een hamer op Tom’s tenen zou slaan en wanneer Tom Jerry in een zelfgefabriceerde muizenval zou lokken. Herhaling was een welkome afwisseling, herhaling gaf houvast.
Wanneer het moeilijker is geworden weet ik niet. Er is geen specifiek moment aan te wijzen waarop dat gebeurde. Ik merkte het pas toen mijn leven was zoals in Groundhog Day. Ik kan er niemand de schuld van geven of er zelf veel aan doen. Ik zit nu alleen wel met meer zendtijd dan ik kan vullen.