woensdag 27 september

Ik vertik de verwarming boven aan te doen en dus zit ik vanavond met een deken over mij heen achter de laptop. Vrienden zeggen het als een uitdaging te zien, een experiment – kijken hoe lang ze zonder verwarming kunnen. September zullen ze redden, daarna zullen ze zwichten. Al dan niet door het gemopper van hun lief. Voor mij is het pure koppigheid. Ik brom en pruttel mezelf deze dagen door.

Wat dan helpt is lezen. En deze week was dat in De Laatste Witte Man, van Mohsin Hamid, waarin witte mensen plotsklaps van kleur veranderen tot er bijna geen wit persoon meer over is. Het is een prachtig boek over identiteit en discriminatie en het laat je je afvragen: wie ben ik zonder mijn huidskleur? En hoeveel hecht ik eraan? Dat de titel nogal provocatief is en zomaar de titel van een extreemrechts pamflet had kunnen zijn, geeft die vragen alleen maar extra lading.

Precies om die reden werd ik boos aangekeken in de trein toen ik het boek tevoorschijn haalde. Of althans dat dacht ik dan, dat ze boos keken en dat dachten. Dachten dat ik een extreemrechts pamflet las. Ik wilde zeggen dat het daar niet over ging, nee, het tegenovergestelde was waar – ik ben geen bruinhemd – maar ik zei niets en besloot het boek te gaan kaften voor toekomstige OV-verplaatsingen.

Wie ben ik zonder verwarming vraag ik me nu af. Nog steeds een mopperende man, wit ook. Eentje die het goed heeft, er spreekwoordelijk ‘warmpjes bij zit’, eentje die jammert over energieprijzen, maar nog steeds kan kiezen of hij hem wel of niet aandoet. Eentje met een deken, die de luxe heeft om koppig te kunnen zijn.

Plaats een reactie